Hoe verstrekte hulp aanrekenen op het getuigschrift (papieren getuigschrift) ?

Sinds 1 juli 2015 bent u als zorgverlener wettelijk verplicht om het van de patiënt ontvangen bedrag voor de verleende verstrekkingen (betaling met geld of via bankkaart) op het deel ontvangstbewijs van het getuigschrift voor verstrekte hulp of van aflevering te vermelden. Opdat u gemakkelijker zou voldoen aan de wettelijke verplichtingen met betrekking tot het vermelden van het ontvangen bedrag en van het nr. van de Kruispuntbank van ondernemingen (KBO), zijn ook de getuigschriften voor verstrekte hulp aangepast en vereenvoudigd sinds 1 juli 2015.
Laatst aangepast op 3 mei 2016


Aanpassingen van de getuigschriften 

Waarom worden de getuigschriften aangepast?

De getuigschriften worden aangepast teneinde rekening te houden:

  • met het "Only Once"-principe dat is opgenomen in de wet van 5 mei 2014, en dat meer bepaald het gebruik inhoudt van een uniek identificatiemiddel voor de aanduiding van ondernemingen (KBO (Kruispuntbank van Ondernemingen)-nummer) en voor de aanduiding van patiënten (INSZ - Identificatienummer van de Sociale Zekerheid)
  • met de wijzigingen die aan de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen gecoördineerd op 14 juli 1994 (GVU-wet) zijn aangebracht teneinde de patiënt beter te informeren over de kosten van de geneeskundige verstrekkingen:
    "Ongeacht of de zorgverlener de verstrekkingen verricht voor eigen of voor andermans rekening, wordt op het deel ontvangstbewijs van het getuigschrift voor verstrekte hulp of van aflevering of het gelijkwaardig document, het bedrag vermeld dat door de rechthebbende aan de zorgverlener werd betaald voor de verrichte verstrekkingen. " (artikel 53, §1 GVU-wet).

Moet elke zorgverlener een KBO nr. hebben?

Ja.
Sinds 1 januari 2015 verplicht de GVU-wet alle zorgverleners (fysieke personen, vennootschappen, feitelijke verenigingen of groeperingen) uitdrukkelijk zich in te schrijven bij de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO). De wet bevestigt eveneens de verplichting, sinds 30 juni 2009, voor alle “niet-handelsondernemingen naar privaat recht” zich in te schrijven bij de KBO.

Aangezien sinds 1 juli 2015 het KBO nr. van de entiteit die de honoraria int, noodzakelijk is voor het bestellen van de getuigschriften voor verstrekte hulp, dient u na te gaan of u zich correct heeft ingeschreven bij de KBO en, bij ontstentenis, zich in te schrijven.

Gelieve de website van de FOD Economie te raadplegen om uw KBO-nummer op te zoeken.

Wat gebeurt er als u een verkeerd KBO nr. vermeld heeft bij de bestelling van uw getuigschriften?

Indien een verkeerd KBO nr. vermeld werd bij de bestelling van uw getuigschriften, dient u deze vergissing te dragen. U dient opnieuw getuigschriften te bestellen met het juiste KBO nr.

U kan evenwel voor een strikt noodzakelijke periode die verstrijkt tussen de nieuwe bestelling en de ontvangst van de nieuwe getuigschriften, de getuigschriften met het verkeerde KBO nr. gebruiken mits u het verkeerde KBO nr. schrapt en vervangt door het juiste KBO nr.

Na ontvangst van de nieuwe bestelling van getuigschriften kan u contact opnemen met de taxatiedienst waaronder u ressorteert,  teneinde de modaliteiten voor het vernietigen van de getuigschriften met hen af te spreken

Hebben de nieuwe modellen van getuigschriften betrekking op alle zorgverleners?

Ja.
Ongeacht of de zorgverleners geconventioneerd zijn of niet, hun activiteiten uitoefenen als natuurlijke persoon of voor andermans rekening, ook binnen de context van hun eigen vennootschap, de nieuwe modellen van getuigschriften voor verstrekte hulp (GVH’s) en van aflevering zijn op allen van toepassing.

Waarom werden de getuigschriften gewijzigd, terwijl de afschaffing van de papieren factuur wordt voorzien?

De afschaffing van de papieren factuur geldt momenteel enkel voor:

  • de huisartsen
  • de laboratoria
  • de thuisverpleegkundigen

wanneer zij via MyCareNet factureren in de derdebetalersregeling.

De getuigschriften zijn dus nog nodig voor alle andere hypothesen.
De wijziging van de modellen van getuigschriften staat los van de afschaffing van de papieren factuur. De getuigschriften worden aangepast naar aanleiding van reglementaire wijzigingen die voornamelijk betrekking hebben op het deel “ontvangstbewijs” (fiscaal luik) en de vermelding van het KBO-nummer (wet "Only Once").

De nieuwe getuigschriften: wat verandert er niet?

  • Behoud van het huidige formaat van het getuigschrift (breedte en lengte), waardoor het afdrukmateriaal niet moet worden gewijzigd. De bezorgdheid om het huidige formaat van de getuigschriften te behouden, verklaart dat er slechts een minimumaantal wijzigingen aan de getuigschriften is aangebracht.
  • Behoud van eenzelfde letter per type model van getuigschrift (ongeacht of de zorgverlener zijn activiteit uitoefent als natuurlijke persoon of voor andermans rekening, waaronder voor zijn eigen vennootschap), namelijk:
    • voor de vroedvrouwen, verpleegkundigen, kinesitherapeuten: letter G
    • voor de tandheelkundigen: letter E
    • voor de artsen: letter A
    • voor de diëtisten, logopedisten, orthoptisten, podologen en ergotherapeuten: letter I
  • Behoud van het duplicaat van het getuigschrift, met een gele kleur, te bewaren door de zorgverlener.
  • Vermelding van de (nog steeds vereiste) boekhoudkundige referentie op het verzamelgetuigschrift (model D) in het daartoe voorziene vakje en op het getuigschrift (model A, E,G of I) dat wordt opgesteld door de zorgverlener die zijn activiteit in het kader van een vennootschap uitoefent. In het laatste geval moet de boekhoudkundige referentie worden vermeld in de daartoe vrijgehouden zone bovenaan rechts van het duplicaat, ook als dit voortaan geen voorgedrukte vermelding meer bevat (zoals dat nog het geval is voor het verzamelgetuigschrift (model D).
  • Vakje "KB 15.07.2002", in te vullen zoals vroeger, met vermelding van "ja", "neen" of "bedrag van de opgeëiste honoraria".
  • In dit vakje dient u het volgende te vermelden:
    • "Ja": indien u het persoonlijk aandeel (remgeld) opeist
    • "Neen": indien u het persoonlijk aandeel (remgeld) niet opeist
    • "het bedrag van het opgeëist honorarium": bv. indien u  enkel een deel van het persoonlijk aandeel (remgeld) opeist.

Het ziekenfonds heeft die informatie nodig om te weten of er een persoonlijk aandeel (remgeld) in de MAF (maximumfactuur)-teller van de betrokken patiënt moet worden opgenomen. Het heeft geen belang hoe en wanneer de betaling wordt uitgevoerd. Die informatie heeft een duidelijk ander doeleinde dan de informatie die op het deel ontvangstbewijs moet worden vermeld. Indien er op het moment van de aflevering van het getuigschrift voor verstrekte hulp nog geen betaling is, zal de vermelding “ja” of het bedrag van de opgeëiste honoraria toch aangegeven worden, indien het remgeld aan de patiënt wordt aangerekend.

De nieuwe getuigschriften: wat verandert er?

  •  Uniek model van getuigschrift per categorie van zorgverleners, ongeacht of het nu gaat om getuigschriftenboekjes, kettingformulieren of verzamelgetuigschriften (model D).
    Het getuigschrift is hetzelfde, ongeacht of u uw activiteit als "natuurlijke persoon" of "in vennootschap" uitoefent, en bevat altijd een deel ontvangstbewijs waarop u het bedrag dient te vermelden dat u van de patiënt heeft ontvangen (contante betaling of via bankkaart) of "0" indien de patiënt niets heeft betaald.
    Het verzamelgetuigschrift (model D) bevat ook een deel ontvangstbewijs.
  • Verdwijning van de oude modellen van getuigschriften met de letters C, F, H, J - vennootschappen, met een groene kleur.
  • Duidelijkere terminologie en schrapping van de overbodige vermeldingen.
  • Geleidelijke afbouw van het kleurensysteem (blauw, oranje, groen). Op termijn zullen de getuigschriften dus wit zijn, ongeacht de categorie van zorgverlener, maar het te bewaren duplicaat blijft geel.
  • Vermelding van het KBO (Kruispuntbank van Ondernemingen)-nummer van de entiteit die de honoraria int (voor rekening waarvan het bedrag wordt ontvangen) in het deel ontvangstbewijs van het getuigschrift. 

Hoe ziet het voorblad (de omslag) van de nieuwe getuigschriftenboekjes er uit?

Het voorblad (omslag) van de nieuwe getuigschriftenboekjes is voortaan identiek voor alle getuigschriftenboekjes. De getuigschriften voor verstrekte hulp verschillen immers niet meer naargelang de zorgverlener zijn activiteit als natuurlijke persoon dan wel in vennootschap uitoefent.

Elk voorblad (omslag) bevat, in het bovenste gedeelte, een kader om aan te vullen met het nummer van het boekje, de datum van het laatst gebruikte formulier en het bedrag van de honoraria  hernomen op de delen “ontvangstbewijs” van de getuigschriften voor verstrekte hulp van het voornoemd boekje, om in het dagboek in te schrijven.Dat bedrag   herneemt de som van de van de patiënt ontvangen bedragen (contante betaling of betaling via bankkaart) zonder rekening te houden met de betalingen die de patiënt verricht heeft via overschrijving of storting, aangezien in dit geval geen ontvangstbewijs dient uitgereikt te worden op het moment van betaling.

De zorgverlener die zijn activiteit als natuurlijke persoon uitoefent, dient het kader verder in te vullen zoals dat tot op heden het geval was. De zorgverlener die zijn activiteit in vennootschap uitoefent, dient het kader daarentegen niet in te vullen aangezien deze laatste verplicht is een dubbele boekhouding te voeren.

Vraag naar een duplicaat en verandering van model van getuigschriften voor verstrekte hulp : welk model dient gebruikt te worden ?

Het duplicaat van een getuigschrift voor verstrekte hulp moet in principe dezelfde vermeldingen hernemen als het origineel om hieraan conform erkend te worden. Wanneer het gaat over het uitreiken van een duplicaat voor een oud model is het dus beter de oude modellen te gebruiken zolang deze nog beschikbaar zijn.
Indien het oude model niet meer beschikbaar is, zal het duplicaat van het getuigschrift voor verstrekte hulp verstrekt worden door middel van een nieuw model waarop de vermeldingen aangebracht op het origineel (zie het gele duplicaat), hernomen worden.

Bestelling en gebruik van de getuigschriften

Wordt de bestelprocedure van de getuigschriften gewijzigd? 

Bpost (www.medattest.be) blijft bevoegd voor het afleveren van de getuigschriftenboekjes en kettingformulieren aan de zorgverleners. Naar aanleiding van de reglementaire wijzigingen werd de bestelprocedure lichtjes aangepast (bv. vermelding van het KBO-nummer bij de bestelling). De bestelling vereist de vermelding van een KBO-nummer (of een pseudo-KBO-nummer voor  een buitenlander en de feitelijke groepering) en een RIZIV-nummer. Meer uitleg over de bestelprocedure kunt u terugvinden in de onlinehandleiding van Medattest.

Vanaf wanneer kunt u de nieuwe getuigschriften bij bpost bestellen?

U kunt bij bpost (www.medattest.be) de nieuwe getuigschriften bestellen: 

  • in de vorm van boekjes: vanaf 1 juli 2015.
  • in de vorm van kettingformulieren (voor printer), waaronder het verzamelgetuigschrift (model D): vanaf 1 december 2015.

U kunt de oude getuigschriften gebruiken tot 31 december 2016 (getuigschriften in de vorm van boekjes, printbare kettingformulieren, verzamelgetuigschrift voor verstrekte hulp (model D)).
Voor alle geneeskundige verstrekkingen uitgevoerd vanaf 1 januari 2017 (getuigschriften in de vorm van boekjes, printbare kettingformulieren, verzamelgetuigschrift voor verstrekte hulp (model D)) mag u enkel de nieuwe getuigschriften gebruiken.

Vanaf wanneer kunt u de nieuwe getuigschriften voor aflevering gebruiken (audiciens, bandagisten, enz.)?

U kunt de nieuwe modellen van getuigschriften voor aflevering gebruiken vanaf 1 juli 2015.

De nieuwe modellen kunnen worden geraadpleegd op onze website voor elk van de betrokken categorieën van zorgverleners:

U mag die getuigschriften kopiëren voor zover die kopie conform het originele document is. U kunt die getuigschriften ook schriftelijk bestellen, op het volgende adres:
RIZIV
Dienst Economaat
Tervurenlaan 211
1150 BRUSSEL

U mag de oude getuigschriften gebruiken tot 31 december 2016. Voor alle geneeskundige verstrekkingen uitgevoerd vanaf 1 januari 2017 mag u enkel de nieuwe getuigschriften gebruiken.

Tot wanneer mag u de oude getuigschriften voor verstrekte hulp en getuigschriften voor aflevering gebruiken?

U kunt de oude GVH's gebruiken tot 31 december 2016 (getuigschriften in de vorm van boekjes, printbare kettingformulieren, verzamelgetuigschrift voor verstrekte hulp (model D)).
Voor alle geneeskundige verstrekkingen uitgevoerd vanaf 1 januari 2017 (getuigschriften in de vorm van boekjes, printbare kettingformulieren, verzamelgetuigschrift voor verstrekte hulp (model D)) mag u enkel de nieuwe GVH's gebruiken.

Opgelet voor uw fiscale verplichtingen!

Aan het einde van elk jaar worden de gestarte niet volledig gebruikte boekjes afgesloten en wordt de samenvatting en de optelling ervoor gemaakt; De niet gebruikte formulieren ervan worden doorgestreept en in het boekje bewaard.

Mag u uitzonderlijk de getuigschriften van een collega gebruiken?

In hoogdringende gevallen mogen de ziekenfondsen - uitzonderlijk - verstrekkingen aanvaarden en boeken die u op ongebruikte getuigschriften van een collega heeft aangerekend, op voorwaarde dat:

  • u de gegevens van uw collega doorstreept
  • u uw eigen stempel met uw RIZIV-nummer op het getuigschrift aanbrengt
  • u aan uw collega een attest aflevert, waarop het aantal ontvangen getuigschriftenboekjes en de overeenkomstige nummers worden vermeld
  • uw collega in zijn dagboek of in zijn boekhouding (rechtspersoon) de nummers vermeldt van de boekjes die hij aan u heeft gegeven.

Hoelang moet u de gele duplicaten bewaren?

Overeenkomstig artikel 315 van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen, dient u de duplicaten van de getuigschriften voor verstrekte hulp te bewaren tot het verstrijken van het zevende jaar of zevende boekjaar volgend op het belastbaar tijdperk.

Vermeldingen die moeten worden ingevuld in het deel "RIZIV" van het getuigschrift (INSZ, RIZIV-nr., enz.)

Welke nieuwe vermelding moet worden opgenomen in het vakje "invullen of kleefbriefje VI aanbrengen"?

Het INSZ (Identificatienummer van de Sociale Zekerheid) van de patiënt moet op het getuigschrift worden vermeld in het vakje "invullen of kleefbriefje VI aanbrengen". Indien de patiënt geen INSZ heeft, kan in reeds bepaalde uitzonderlijke gevallen (pasgeborenen, internationale verdragen) het inschrijvingsnummer bij het ziekenfonds worden gebruikt.

Moet het RIZIV-nummer van de zorgverlener nog op het getuigschrift worden vermeld?

Ja.

  • Op de getuigschriftenboekjes voor de individuele zorgverleners: het RIZIV-nummer is voorgedrukt in het vakje waarin de identificatie van de zorgverlener wordt vermeld.
  • Op de getuigschriftenboekjes voor de vennootschappen:
    • voor de eenmansvennootschappen: het RIZIV-nummer kan op verzoek in datzelfde vakje worden voorgedrukt
    • voor de vennootschappen waarin verschillende zorgverleners mogelijk hetzelfde boekje gebruiken: het RIZIV-nummer kan niet worden voorgedrukt. De zorgverlener die het getuigschrift ondertekent, vult het met de hand in of met behulp van een stempel.

Dient u in geval van gebruik van getuigschriften voor verstrekte hulp in de vorm van boekjes nog uw stempel aan te brengen in het vak “identificatie van de zorgverlener” van het getuigschrift?

U moet uw stempel aanbrengen op het getuigschrift voor verstrekte hulp, wanneer uw RIZIV-nummer en uw contactgegevens niet zijn voorgedrukt in het vak dat de identificatie van de zorgverlener herneemt.

Daarentegen dient u uw stempel niet aan te brengen in geval van personalisering van uw getuigschriften voor verstrekte hulp, aangezien de op de stempel vereiste informatie al is voorgedrukt.

In elke hypothese is de handtekening van de zorgverlener die de geneeskundige verstrekking verricht heeft, vereist op het deel “RIZIV” van het getuigschrift voor verstrekte hulp.

Wat moet u vermelden in het vakje "KB 15.07.2002"?

Net als vroeger moet u in dit vakje het volgende vermelden:

  • "Ja": indien u het persoonlijk aandeel (remgeld) opeist
  • "Neen": indien u het persoonlijk aandeel (remgeld) niet opeist
  • "het bedrag van de opgeëiste honoraria": bv. indien u enkel een deel van het persoonlijk aandeel (remgeld) opeist.

Het ziekenfonds heeft die informatie nodig om te weten of er een persoonlijk aandeel (remgeld) in de MAF(maximumfactuur)-teller van de betrokken patiënt moet worden opgenomen. Het heeft geen belang hoe en wanneer de betaling wordt uitgevoerd. Die informatie heeft een duidelijk ander doeleinde dan de informatie die op het deel ontvangstbewijs moet worden vermeld. Indien er op het moment van de aflevering van het getuigschrift voor verstrekte hulp nog geen betaling is, zal de vermelding “ja” of het bedrag van de opgeëiste honoraria toch aangegeven worden, indien het remgeld aan de patiënt wordt aangerekend.

Moet u het vakje "KB 15.07.2002" en het deel “ontvangstbewijs” van de getuigschriften voor verstrekte hulp invullen?

Ja. Het deel “ontvangstbewijs” is niet bestemd voor het ziekenfonds van de patiënt. De patiënt mag immers het deel “ontvangstbewijs” van het  getuigschrift voor verstrekte hulp losmaken en bewaren. Het is bijgevolg op basis van de informatie vermeld in het vakje "KB 15.07.2002" dat het ziekenfonds van de patiënt:

  • Correct het remgeld dat u van de patiënt eist, boekt in de MAF-teller (maximumfactuur).
  • Het bedrag terugbetaald aan de patiënt beperkt tot hetgeen de patiënt daadwerkelijk aan u betaald heeft (bijvoorbeeld, als u aan uw patiënt een bedrag minder dan de officiële tarieven vraagt).

Voorbeeld:

Tarief van uw verstrekking = 50 EUR:

  • Tegemoetkoming van de ziekteverzekering is gelijk aan 45 EUR
  • Remgeld is gelijk aan 5 EUR

1) Eerste hypothese: u eist 50 EUR:

  • U vermeldt “JA” of “50 EUR” in het vakje “KB 15.07.2002” (indien er nog geen betaling is op moment van de aflevering van het getuigschrift voor verstrekte hulp, wordt de vermelding “ja” of “50 EUR” toch aangeduid, aangezien het remgeld aan de patiënt wordt aangerekend).
  • 5 EUR gaat er in de MAF-teller van de patiënt.
  • Aan de patiënt wordt 45 EUR terugbetaald.

2) Tweede hypothese: u eist 45 EUR:

  • U vermeldt “Neen” of “45 EUR’’ in het vakje “KB 15.07.2002”, zodat het ziekenfonds van uw patiënt begrijpt dat er geen remgeld ontvangen is.
  • Dus, 0 EUR gaat er in de MAF-teller van de patiënt.
  • Aan de patiënt wordt 45 EUR terugbetaald.

3) Derde hypothese: u eist 47 EUR:

  • U vermeldt “47 EUR” in het vakje “KB 15.07.2002”, zodat het ziekenfonds van uw patiënt begrijpt dat u gedeeltelijk het remgeld ontvangen heeft.
  • Dus, 2 EUR gaat er in de MAF-teller van de patiënt.
  • Aan de patiënt wordt 45 EUR terugbetaald.

4) Vierde hypothese: U eist 40 EUR op:

  • Het is het bedrag van “40 EUR” dat hernomen dient te worden in het vakje “KB 15.07.2002”.
  • Dus, 0 EUR gaat er in de MAF-teller van de patiënt.
  • Uw tarief is lager dan het officieel tarief: aan uw patiënt wordt 40 EUR terugbetaald.

Vermeldingen die moeten worden ingevuld in het deel ontvangstbewijs van het getuigschrift (ontvangen bedrag, KBO-nummer, enz.)

Welke nieuwe vermeldingen moeten op het getuigschrift in het deel ontvangstbewijs worden opgenomen?

Het getuigschrift is hetzelfde wanneer u uw activiteit uitoefent als "natuurlijke persoon" of "in vennootschap", en bevat altijd een deel ontvangstbewijs. Op dat deel ontvangstbewijs moet u het volgende vermelden:

  • het van de patiënt ontvangen bedrag (contante betaling of via bankkaart), ook al is dat gelijk aan "0"
  • het KBO (Kruispuntbank van Ondernemingen)-nummer van de entiteit die de honoraria int (voor rekening waarvan het bedrag wordt ontvangen). Gelieve de website van de FOD Economie te raadplegen om uw KBO-nummer op te zoeken.

Wordt uw patiënt terugbetaald, indien, in geval van een gedeeltelijke of volledige uitgestelde betaling van uw erelonen, u een bedrag kleiner dan hetgeen geëist of “0 EUR” vermeldt op het deel “ontvangstbewijs” van de getuigschriften voor verstrekte hulp?

Ja, uw patiënt moet terugbetaald worden door zijn ziekenfonds. Het deel “ontvangstbewijs” is voor de patiënt bestemd. Het is niet de bedoeling dat het naar het ziekenfonds wordt doorgestuurd.

Wat wordt er bedoeld met ontvangen bedrag?

Het ontvangen bedrag omvat het totaalbedrag dat door de patiënt is betaald, contant of via bankkaart, volledig of gedeeltelijk:

  • van de honoraria
  • van de persoonlijke aandelen ( remgelden)
  • van de supplementen

In het kader van de derdebetalersregeling wordt enkel het daadwerkelijk door de patiënt betaald bedrag wordt vermeld en niet het bedrag van de tegemoetkoming van de verplichte verzekering die rechtstreeks door het ziekenfonds ten laste genomen zal worden.

In geval van cumulatie met vergoedbare verstrekkingen, dienen de bedragen met betrekking tot de niet-vergoedbare verstrekkingen hernomen te worden op het bewijsstuk om aan de patiënt uit te reiken.

Dient bij de betaling met  bankkaart  het ontvangen bedrag op het deel ontvangstbewijs vermeld te worden  (gelijkstelling met de betaling in contanten)?

Ja.
Artikel 320, §1, eerste lid van het Wetboek van de inkomstenbelastingen verplicht “Personen die een vrij beroep, een ambt of een post uitoefenen voor elke in geld, per check of op andere wijze gedane inning van honoraria, commissielonen, bezoldigingen, terugbetalingen van kosten of andere beroepsontvangsten, een gedagtekend en ondertekend ontvangstbewijs af te leveren (…)”.

De minister van Financiën kan, onder de door hem bepaalde voorwaarden, een vrijstelling van het uitreiken van een ontvangstbewijs voor bepaalde inningen toekennen.

Deze vrijstelling is toegekend voor de betalingen verricht via storting of via overschrijving op een bankrekening.

Deze uitzonderingen dienen strikt geïnterpreteerd te worden en de betaling met bankkaart wordt hierin niet geviseerd.

Volstaat het in geval van betaling met bankkaart het ticket aan de patiënt uit te reiken?

Neen.
Het deel “ontvangstbewijs” van het getuigschrift dient aan de patiënt uitgereikt te worden.

Hoe moet u het ontvangen bedrag tijdens de overgangsperiode vermelden indien u de oude getuigschriften gebruikt?

Gedurende de overgangsperiode voor het gebruik van de oude getuigschriften moet u, als u geneeskundige verstrekkingen verricht voor andermans rekening (ook voor uw eigen vennootschap), overeenkomstig de omzendbrief die u dit toestaat, het van de patiënt ontvangen bedrag (contante betaling of via bankkaart) met de hand vermelden of afdrukken onderaan de oude modellen van getuigschriften (die bevatten immers geen deel ontvangstbewijs).

Welk KBO-nummer moet worden vermeld op het deel ontvangstbewijs van het getuigschrift?

Het KBO-nummer dat moet worden vermeld, is het nummer van de entiteit die de honoraria int (voor rekening waarvan het bedrag wordt ontvangen).

Afhankelijk van het geval gaat het om:

  • uw KBO-nummer als zorgverlener (indien u uw activiteit uitoefent als natuurlijke persoon en u de verstrekking voor uw eigen rekening verricht)
  • het KBO-nummer van de instelling indien u de verstrekking verricht voor rekening van die instelling
  • het KBO-nummer dat aan uw vennootschap is toegekend indien u de verstrekking verricht voor rekening van uw eigen vennootschap.

Ter herinnering, elke zorgverlener, natuurlijke persoon of vennootschap, dient een KBO-nummer aan te vragen bij de Kruispuntbank van Ondernemingen.

Gelieve de website van de FOD Economie te raadplegen om uw KBO-nummer op te zoeken.

Moet u gedurende de overgangsperiode het KBO-nummer vermelden op het deel ontvangstbewijs van het getuigschrift, indien u de oude getuigschriften gebruikt?

Neen.
Met het oog op administratieve vereenvoudiging is de vermelding van het KBO-nummer van de entiteit die die honoraria int, enkel verplicht zodra u de nieuwe modellen van getuigschriften gebruikt.

Wat met de vermelding van het KBO-nummer als u een feitelijke vereniging en/of een buitenlandse zorgverlener bent? 

Als u een feitelijke vereniging zonder rechtspersoonlijkheid bent of een buitenlandse zorgverlener die prestaties verricht in België, maar er niet beschikt over een vestigingseenheid, kan u tijdelijk (tot het opstellen van het protocol tussen het RIZIV en de KBO) een pseudo-ondernemingsnummer aanvragen bij het contactcentrum van Medattest (bpost), op het telefoonnummer 02/274.09.34.

Hoe moet u het getuigschrift invullen en het ontvangen bedrag vermelden op het deel “ontvangstbewijs” van het getuigschrift (ontvangstbewijs-getuigschrift in de fiscale regelgeving genoemd) , afhankelijk van de betalingsmodaliteiten? 

Overzichtstabel

 

In te vullen

In geval van contante betaling

In geval van uitgestelde betaling

 

Op het moment van de aflevering van het getuigschrift

Op het moment van de betaling

In geval van een contante betaling, een betaling of via de bankterminal in de praktijk of aan het loket van de zorgverlener / verzorgingsinstelling

  1. Deel RIZIV van het getuigschrift invullen 

  2. Vermelding van het bedrag op het deel ontvangstbewijs van het getuigschrift
  1. Deel RIZIV van het getuigschrift invullen 

  2. Vermelding van het ontvangen bedrag (=0) op het deel ontvangstbewijs van het getuigschrift
  1. Deel RIZIV van het getuigschrift doorstrepen 

  2. Vermelding van het bedrag op het deel ontvangstbewijs van het getuigschrift

In geval van een betaling via storting of overschrijving

Onmogelijke hypothese

  1. Deel "RIZIV" van het getuigschrift invullen 

  2. Vermelding van het ontvangen bedrag (=0) op het deel ontvangstbewijs van het getuigschrift

U hoeft niets te doen wat betreft het getuigschrift en het ontvangstbewijs

Moet het ontvangstbewijs worden ondertekend?

Ja, het ontvangstbewijs moet worden ondertekend.
De ondertekenaar van het ontvangstbewijs is niet noodzakelijk de zorgverlener (delegatie van handtekening mogelijk – zie volgende vraag).

Is de ondertekenaar van het ontvangstbewijs noodzakelijk steeds dezelfde persoon als de ondertekenaar van de verrichte verstrekkingen?

Neen.
Het kan om verschillende personen gaan indien de handtekening wordt gedelegeerd aan een medisch secretariaat of aan een werknemer die door de innende instelling is gemachtigd om het door de patiënt betaalde bedrag te ontvangen. Daarom wordt voortaan enkel het woord "handtekening" gebruikt op het deel ontvangstbewijs van het getuigschrift.

Mag het ontvangstbewijs worden losgemaakt?

Het is verboden om het fiscale ontvangstbewijs los te maken van het getuigschrift voor verstrekte hulp wanneer u de patiënt zowel het getuigschrift voor verstrekte hulp als het fiscale ontvangstbewijs bezorgt.

Het verbod betreft de zorgverlener; de patiënt behoudt steeds het recht om het ontvangstbewijs los te maken van het getuigschrift voor verstrekte hulp vooraleer hij dat laatste aan zijn ziekenfonds bezorgt.

Net als vroeger, en krachtens de fiscale reglementering, mag u, wanneer u het ontvangstbewijs zonder het getuigschrift voor verstrekte hulp (deel RIZIV) gebruikt, het ontvangstbewijs losmaken. U moet het bovenste deel van het getuigschrift (deel RIZIV) doorstrepen en bewaren, en het van de patiënt ontvangen bedrag vermelden op het deel ontvangstbewijs van het getuigschrift.

Is het deel “ontvangstbewijs” van het getuigschrift altijd voorgeperforeerd?

Het deel “ontvangstbewijs” is momenteel niet altijd voorgeperforeerd op de nieuwe getuigschriften voor verstrekte hulp. Dit is een tijdelijke situatie. Dit valt te verklaren door het feit dat de nieuwe modellen van getuigschriften voor verstrekte hulp nog steeds gedrukt worden op de oude stock van papier (groen) die geen deel ontvangstbewijs bevatten.

Op termijn zullen alle getuigschriften voor verstrekte hulp wit zijn en een voorgeperforeerd deel “ontvangstbewijs” bevatten, met evenwel de uitzondering voor de verzamelgetuigschriften voor verstrekte hulp (model D), waarvan het deel ontvangstbewijs, indien nodig, handmatig afgeknipt zal moeten worden.

In tussentijd komt het u dus toe, indien nodig, het deel “ontvangstbewijs” van de getuigschriften, waarop het van de patiënt ontvangen bedrag vermeld staat, af te knippen.

De voorperforatie van de getuigschriften is niet voorzien in de reglementaire teksten en het verwijderbaar karakter van het deel “ontvangstbewijs” hangt niet af van de voorperforatie. 

Hoe moeten de getuigschriften voor verstrekte hulp gebruikt worden in geval van toepassing van de derdebetalersregeling?

U gebruikt de nieuwe getuigschriften voor verstrekte hulp

In geval van toepassing van de derdebetalersregeling dient u als zorgverlener het getuigschrift voor verstrekte hulp aan de verzekeringsinstelling van de patiënt te bezorgen, teneinde de tussenkomst van de verzekering voor geneeskundige verzorging te bekomen waarop  u recht heeft.
U dient voorafgaand het deel “ontvangstbewijs” van het getuigschrift voor verstrekte hulp met de vermelding van het daadwerkelijk van de patiënt ontvangen bedrag (contante betaling of via bankkaart), zelfs indien het gelijk is aan “0”, aan te vullen en het aan de patiënt te overhandigen.
Het deel “ontvangstbewijs” is momenteel niet voorgeperforeerd op de nieuwe getuigschriften voor verstrekte hulp. Dit is een tijdelijke situatie. Dit valt te verklaren door het feit dat de nieuwe modellen van getuigschriften voor verstrekte hulp nog steeds gedrukt worden op de oude stock van papier (groen) die geen deel ontvangstbewijs bevatten.
In geval van toepassing van de derdebetalersregeling komt het u toe het deel “ontvangstbewijs” van het getuigschrift voor verstrekte hulp zelf af te knippen teneinde het aan de patiënt te kunnen geven.
Op termijn zullen alle getuigschriften voor verstrekte hulp wit zijn en een voorgeperforeerd (gemakkelijk afscheurbaar) deel “ontvangstbewijs” bevatten, met evenwel de uitzondering voor de verzamelgetuigschriften voor verstrekte hulp (model D), waarvan het deel ontvangstbewijs, indien nodig, handmatig afgeknipt zal moeten worden.

U gebruikt de oude “groene” getuigschriften voor verstrekte hulp (geneeskundige verstrekkingen verricht voor andermans rekening, ook voor uw eigen vennootschap)

Het gebruik van de oude getuigschriften voor verstrekte hulp is een mogelijkheid en geen verplichting.
Tijdens de overgangsperiode voor het gebruik van de oude getuigschriften voor verstrekte hulp (die eindigt op 31 december 2016) wordt het daadwerkelijk van de patiënt ontvangen bedrag (contante betaling of via bankkaart), zelfs indien het bedrag gelijk is aan “0”, met de hand vermeld of afgedrukt onderaan het getuigschrift (dat immers geen deel ontvangstbewijs bevat).
Opgelet! Het “onderste gedeelte van het getuigschrift voor verstrekte hulp” is een van het vakje “KB 15.07.2002”, waarvan de finaliteit anders is, te onderscheiden deel.
Het onderste gedeelte van deze oude modellen van getuigschriften voor verstrekte hulp mag niet worden afgeknipt. Een ontvangstbewijs, op een vrij model opgesteld, wordt aan de patiënt die dit wenst, uitgereikt.

Hoe moet u het ontvangen bedrag vermelden in geval van een cumulatie van verstrekkingen in derdebetalersregeling en verstrekkingen zonder derdebetalersregeling?

Het uitvoeren van deze verstrekkingen brengt het opstellen van 2 formulieren van getuigschriften met een deel “ontvangstbewijs” met zich mee.

  • Voor de verstrekkingen in derdebetalersregeling

Het deel “ontvangstbewijs” zal het bedrag betaald voor de verstrekkingen verricht in derdebetalersregeling vermelden en zal aan de patiënt overhandigd worden. Het deel “ontvangstbewijs” zal van het getuigschrift voor verstrekte hulp losgemaakt worden, aangezien u niet tegelijkertijd het getuigschrift voor verstrekte hulp en het deel “ontvangstbewijs” aan de patiënt bezorgt. Het deel getuigschrift voor verstrekte hulp zal immers rechtstreeks aan de verzekeringsinstelling bezorgd worden.

  • Voor de verstrekkingen buiten derdebetalersregeling

De delen “ontvangstbewijs” en getuigschrift voor verstrekte hulp mogen niet van elkaar losgemaakt worden, het geheel dient aan de patiënt overhandigd te worden. Het is hier de patiënt die het getuigschrift voor verstrekte hulp aan de verzekeringsinstelling zal afgeven teneinde de terugbetaling waarop hij recht heeft, te bekomen.

Hoe moet u het ontvangen bedrag vermelden op het deel ontvangstbewijs van het getuigschrift voor verstrekkingen die uitsluitend niet-vergoedbaar zijn?

U bezorgt de patiënt een ontvangstbewijs in geval van contante betaling of betaling via bankkaart.

Net als vroeger, en krachtens de fiscale reglementering, doorstreept en bewaart u het bovenste deel van het getuigschrift (deel RIZIV), als u geen getuigschrift voor verstrekte hulp uitreikt (deel RIZIV), en vermeldt u het van de patiënt ontvangen bedrag op het deel ontvangstbewijs van het getuigschrift.

Hoe moet de ontvangst van een voorschot worden vermeld?

U kan enkel een voorschot ontvangen indien dat is toegestaan door de bevoegde overeenkomsten- of akkoordencommissie. Als het is toegestaan, moet u de patiënt een ontvangstbewijs geven.

Net als vroeger, en krachtens de fiscale reglementering, doorstreept en bewaart u het bovenste deel van het getuigschrift (deel RIZIV) en vermeldt u het van de patiënt ontvangen bedrag op het deel ontvangstbewijs van het getuigschrift.

Wordt het deel ontvangstbewijs van het getuigschrift door de patiënt aan het ziekenfonds bezorgd?

Het deel ontvangstbewijs van het getuigschrift is voor de patiënt bestemd. Het is niet de bedoeling dat dit deel aan het ziekenfonds wordt bezorgd.

Moet het ontvangstbewijs worden ondertekend?

Ja, het ontvangstbewijs moet worden ondertekend.
De ondertekenaar van het ontvangstbewijs is niet noodzakelijk de zorgverlener (delegatie van handtekening mogelijk – zie volgende vraag).
Daarentegen blijft de handtekening van de zorgverlener vereist op het deel “RIZIV” van het getuigschrift voor verstrekte hulp (identificatie van de zorgverlener). Enkel dit bewijst de werkelijkheid van de verstrekking.

Is de uitgestelde afdruk van getuigschriften voor verstrekte hulp (door bijvoorbeeld een enkele afdruk op het einde van de maand) verenigbaar met de verplichting om het deel “ontvangstbewijs” uit te reiken aan de patiënt?

De praktijk van uitgestelde afdruk van getuigschriften voor verstrekte hulp kan niet meer gebruikt worden. Sinds 1 juli 2015 dient immers het van de patiënt ontvangen bedrag voor de verrichte verstrekkingen vermeld te worden op het deel “ontvangstbewijs” van het getuigschrift voor verstrekte hulp, dat aan de patiënt dient uitgereikt te worden. Een delegatie van handtekening kan worden gegeven aan een medisch secretariaat of aan een medewerker die gemachtigd is om het door de patiënt betaalde bedrag te ontvangen.

Oplossingen voorgesteld voor de vastgestelde tijdelijke problemen

Bij het bestellen van uw getuigschriftenboekjes ontvangt u boekjes waarvan de omslag niet het kader bevat dat u dient in te vullen als zorgverlener die zijn activiteit uitoefent als natuurlijke persoon. Wat dient u te doen?

De vermeldingen die op de omslag moeten worden weergegeven, dienen hernomen te worden op een blad papier dat samen bij het boekje moet blijven, door bijvoorbeeld eraan geniet te worden.
Deze situatie valt te verklaren door het nog gebruiken van een voorraad van oude omslagen van getuigschriftenboekjes voorzien voor zorgverleners die hun activiteit in vennootschap uitoefenen. Deze omslagen bevatten geen kader om in te vullen.

De onmogelijkheid om niet-gepersonaliseerde getuigschriften in de vorm van boekjes te bestellen via Medattest.

Wegens technische problemen was het tijdelijk niet mogelijk om niet-gepersonaliseerde getuigschriften in boekjesvorm te bestellen via Medattest. U heeft dus gepersonaliseerde getuigschriften in boekjesvorm  ontvangen op naam van de zorgverlener waarvan het RIZIV-nummer is ingevuld in punt 1 van de bestelbon. Deze getuigschriften mogen heel uitzonderlijk gebruikt worden door alle zorgverleners van de vennootschap, op voorwaarde dat de voorgedrukte identificatiegegevens worden doorstreept en vervangen door de identificatiegegevens van de zorgverlener die de prestaties effectief heeft verricht. Er is in dit geval geen fiscaal probleem omdat het KBO-nummer van de vennootschap verwijst naar de innende entiteit.

De toekenning van twee identieke nummers voor verschillende modellen van getuigschriften : waarom ?

De nummering van de getuigschriften wordt volgens type van getuigschrift gedaan (artikelcode A 10, A 20, A 11, E 10, D 10, …). Met andere woorden,  als een zorgverlener verschillende types van getuigschriften bestelt, kunnen deze dezelfde nummers bevatten. Gelet op de overgang naar een uniek model van getuigschrift, is het mogelijk dat u twee identieke nummers ontvangt, als u nu een verschillend model (een andere artikelcode) gebruikt.
Als u zich in deze situatie bevindt, dient u erop toe te zien dat de letter die overeenkomt met de getuigschriften waarvan het nummer identiek is, in uw boekhouding vermeld wordt.

De carbon functie noodzakelijk voor het  opstellen van het gele duplicaat van de getuigschriften voor verstrekte hulp werkt niet. Wat dient u te doen?

Ten gevolge van technische problemen vreemd aan de hervorming van de getuigschriften voor verstrekte hulp, blijkt de carbon functie op een bepaald aantal boekjes van gepersonaliseerde getuigschriften voor verstrekte hulp niet te werken.
Als u zich in deze situatie bevindt, bewaar dan de mails, brieven, … uitgewisseld met SPEOS in dewelke u het probleem gesignaleerd heeft en vermeld duidelijk in uw boekhouding het nummer van de boekjes of het aantal van de desbetreffende getuigschriften voor verstrekte hulp.

Meer informatie

Contacten

 

Laatst aangepast op 13 mei 2016