Aanbevelingen rond het rationeel gebruik van opioiden in de behandeling van chronische pijn

Op 6 december 2018 werd tijdens de 40e consensusvergadering van het RIZIV de plaats van de opioiden in de behandeling van chronische pijn besproken op basis van een uitvoerige literatuurstudie. Het juryrapport dat hieruit resulteerde is nu beschikbaar.


In België lijden meer dan 900.000 patiënten aan chronische pijn. Een van de behandelingsmogelijkheden voor chronische pijn zijn  opioiden. In 2016 bedroegen de uitgaven voor opioiden in ons land meer dan 56,1 miljoen euro. Het gebruik van de opioiden kent een sterke en aangehouden stijging in de afgelopen jaren (+ ten opzichte van 2010 waren de uitgaven in 2017 met 27% toegenomen). Recentelijk kwamen de opioiden ook herhaaldelijk in het nieuws met betrekking tot het mogelijke misbruik van deze farmaca, zowel in ons land als in de ons omringende landen. Hierdoor klonk herhaaldelijk de roep tot rationalisatie van het gebruik van de opioiden alsook een kritische analyse van hun werkzaamheid in chronische pijnklachten. Het onderwerp van de consensus zal zich beperken tot chronische pijnsyndromen (langer dan 3 maanden).

De jury doet aanbevelingen voor onmiddelijke klinische implementaties

De jury formuleert in haar rapport een aantal specifieke conclusies met onmiddellijke klinische implementaties:

  • De visie dat eerst de bio-psycho-sociale benadering en de niet-opioïde pijnstilling maximaal moet aangewend worden vooraleer opioïde pijnstilling wordt overwogen, moet een belangrijk onderdeel zijn van de opleiding van toekomstige artsen en alle andere beroepsbeoefenaars in de gezondheidszorg (zoals verpleegkundigen, fysiotherapeuten, psychologen). Ook aan de opvang, de aanpak en de behandeling van de chronischepijnpatiënt moet in het onderwijs meer aandacht worden besteed. Dit geldt ook voor de navorming van alle zorgverleners.

  • De jury is overtuigd van de bio-psycho-sociale aanpak en het nut daarvan maar er is nog te weinig onderzoek verricht rond de toepassing van deze aanpak bij patiënten onder behandeling met opioiden en het ook nog niet geheel duidelijk is in welke mate deze aanpak een positief effect kan hebben op het gebruik van opioiden. Ze stelt vast dat er geen onderzoek te vinden is rond de (optimale) toepassing van de bio-psycho-sociale benadering, die rekening houdt met de dynamische interacties op individueel niveau tussen biologische, sociale en psychologische factoren. Hierbij dringt verder onderzoek, methodologisch een uitdaging, zich op om gerichte behandelingen te kunnen aanbevelen.

  • De jury sluit zich aan bij de aanbeveling van de deskundigen om, bij het meten van de outcome van behandelingen voor chronische pijn, multidimensionele meetinstrumenten te gebruiken zoals bijvoorbeeld de BPI en de SF-36, gezien deze meer aansluiten bij een bio-psycho-sociale benadering van pijn. Uitkomst van pijnbehandelingen kunnen derhalve niet enkel gemeten worden aan de hand van uni-dimensionele pijnschalen.

  • Specifiek met betrekking tot het voorschrijven van opioïden beveelt de jury aan om:
    • Het voorschrijven van opioïden zoveel mogelijk te vermijden bij niet-kankerpatiënten;
    • In 1e instantie steeds de niet-medicamenteuze en niet-opioïde behandelingen te optimaliseren;
    • De behandeling met opioïden te beschouwen als een zo kort mogelijk durende behandeling met een zo laag mogelijke dosering;
    • Altijd patiënten grondig te informeren over de risico’s en de ongewenste effecten van geneesmiddelen en systematisch de voordelen te evalueren met behulp van gevalideerde meetinstrumenten en de risico's en ongewenste effecten van het opioïd bij elke raadpleging te beoordelen.

Algemene aanbevelingen rond het gebruik van opioïden in de behandeling van chronische pijn

De jury beveelt aan om het langdurig gebruik van opioïden bij chronische pijn altijd te kaderen in een bio-psycho-sociale aanpak. Bij het vaststellen van een gebrek aan analgesie en/of te veel ongewenste effecten moeten andere vormen van pijnstilling gebruikt worden.

De jury beveelt aan om advies  te vragen aan een specialist met een pijntherapie-vorming en meer specifiek in chronische pijn, bij kinderen en adolescenten, in geval van (groter risico op) misbruik van opioïden, alcohol of benzodiazepines, enz. 

Tevens bevat het juryrapport de aanbeveling om de toegankelijkheid van de pijncentra te verbeteren, zowel door pijncentra op redelijke afstand van alle patiënten te voorzien, als door het verhogen van de capaciteit waardoor elke patiënt op korte termijn een afspraak kan krijgen. Ook de verwijzing naar verslavingsexperten van risicopatiënten voor verslaving, moet op kortere termijn mogelijk zijn.

De jury vindt het systematisch screenen op misbruik noodzakelijk . Om misbruik te voorkomen, moet over het algemeen de voorkeur worden gegeven aan opioïden met een lange werkingsduur (behalve bij kwetsbare patiënten (ouderen, nierinsufficiëntie, leverinsufficiëntie)). Tijdens de conferentie werd geopperd de opioïdvoorschriften, voor een welbepaalde patiënt, aan één arts toe te vertrouwen en steeds door één apotheker te laten uitvoeren.

Bijlages

Doelstelling van de consensusvergaderingen

Het Comité voor de Evaluatie van de Medische Praktijk inzake Geneesmiddelen (CEG) organiseert tweemaal per jaar een consensusvergadering. Die vergaderingen zijn bedoeld om de medische praktijkvoering inzake  het voorschrijven van geneesmiddelen in een bepaald domein te evalueren ten aanzien van andere mogelijke behandelingen en om een synthese te maken van de beschikbare bewijzen en van de adviezen van deskundigen in dat precieze domein.

Contact