Vergoeding afname stalen bij systematische PCR-testen in residentiële voorzieningen door huisartsen

Sinds begin april worden op een systematische manier testen afgenomen in alle residentiële voorzieningen zoals woonzorgcentra, verblijfscentra voor personen met een handicap, opvangcentra, gevangenissen, … . Voor de afname van de stalen kunnen huisartsen de bestaande codes uit de nomenclatuur aanrekenen.


Over welke staalafnames gaat het?

Bij de moleculaire PCR-test voor de opsporing van het SARS-Cov-2-virus moet een keel- of neuswisser worden afgenomen. Deze testen worden op grote schaal afgenomen in residentiële voorzieningen zoals woonzorgcentra, verblijfscentra voor personen met een handicap, opvangcentra, gevangenissen, …

De staalafnames gebeuren door een huisarts of door een andere zorgverlener onder zijn toezicht.

Hoe kan u als arts deze verstrekkingen factureren?

Codes?

Daar waar de afname van deze testen gebeurt door een huisarts kan de kost voor de afname van de stalen gedekt worden door de codes voor bezoeken die van toepassing zijn afhankelijk van het aantal patiënten, het tijdstip van bezoek en de kwalificatie van de huisarts. Voornamelijk zal het gaan om de codes:

  • 103434 “Bezoek naar aanleiding van eenzelfde reis voor meer dan twee rechthebbenden door de huisarts”
  • of 103235 “Bezoek door een huisarts op basis van verworven rechten, naar aanleiding van eenzelfde reis voor meer dan twee rechthebbenden”.
  • Waar nodig mogen de prestatiecodes 104296 of 104591 worden aangerekend indien de bezoeken zaterdags, zondags of op een feestdag tussen 8 en 21 uur wordt afgelegd en die bezoeken worden aangevraagd en afgelegd op de opgegeven dagen en uren en wanneer de testen op die dagen en uren niet kunnen worden uitgesteld.
  • In een psychiatrisch ziekenhuis worden de staalafnames in de regel uitgevoerd door het verpleegkundig personeel of de artsen van de instelling. Enkel indien deze niet beschikbaar zijn kunnen erkende huisartsen uitzonderlijk, op gemotiveerd verzoek van de arts-specialist in de psychiatrie van de instelling, de verstrekkingen 109045, 109060 en 109082 aanrekenen indien ze de staalafnames hebben uitgevoerd. Zoals voorzien in de nomenclatuur worden de bezoeken in een psychiatrisch ziekenhuis (109045, 109060 en 109082) worden alleen vergoed indien de erkende huisarts zijn vaststellingen en conclusies in het ziekenhuisdossier van de rechthebbende heeft genoteerd.
  • Indien de afname van stalen is aangewezen in een instelling voor kinderen, kan de kost voor de afname van de stalen door een pediater gedekt worden door verstrekkingen 103795, 103810 en 103832 opgenomen in artikel 2 van de nomenclatuur.

Het honorarium dat verbonden is aan deze verstrekking dekt eveneens de tijd voor de registratie, raadpleging en opvolging van de gegevens en resultaten via de webtoepassing “CyberLab”.

Derdebetalersregeling?

Voor deze verstrekking zijn de regels over de derdebetalersregeling  van toepassing. Dit wil zeggen dat in centra voor kinderen, ouderen of mensen met een beperking de derdebetalersregeling facultatief kan worden toegepast.

Manuele getuigschriften of elektronische facturatie?

De aanrekening kan gebeuren via de manuele opmaak van getuigschriften of via elektronische facturatie. Hiervoor gelden de gebruikelijke regels.

Zijn er beperkingen?

  • De staalafname voor de screening van personeelsleden van de instellingen valt niet onder de dekking van de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging. Deze staalafnames voor personeelsleden worden georganiseerd door de arbeidsgeneeskundige diensten en kunnen dus niet worden aangerekend via de prestatiecodes 103434 of 103235.

  • Indien de tijd die de artsen investeren voor de staalafnames reeds gefinancierd wordt door andere overeenkomsten of tegemoetkomingen, kunnen de verstrekkingen 103434 en 103235 hiervoor niet aangerekend worden.

  • De aanrekening kan enkel gebeuren voor de rechthebbenden van de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging.

Vragen?

 

Laatst aangepast op 18 mei 2020