2 Methodologie
De audit bestaat uit vier delen:
- We benoemen relevante indicatoren op basis van de literatuur en nationale of internationale aanbevelingen.
- We analyseren de beschikbare federale gegevens door de verblijven te selecteren van patiënten die in 2021-2022 door een beroerte zijn getroffen. Vervolgens wordt voor de bij deze verblijven betrokken ziekenhuizen een benchmarking uitgevoerd tussen de ziekenhuizen.
- We voeren een online bevraging uit bij alle ziekenhuizen met ten minste één geselecteerd verblijf.
- Wij geven de verpleegkundige gegevens weer op basis van de VG-MZG registratie voor de geselecteerde verblijven.
Deze audit werd uitgevoerd met de medewerking van de Belgian Stroke Council, de Belgian Society of Neurology, de Belgian Society For Interventional And Therapeutical Neuroradiology (BSITN), de Belgian Society of Radiology en de Belgian Society of Emergency and Disaster Medicine (BeSEDiM) tijdens de verschillende auditfasen.
2.1 Literatuurstudie
De analyse van de literatuur stelde ons in staat om de scope van de audit te definiëren. We verzamelden relevante indicatoren en nationale of internationale aanbevelingen uit verschillende bronnen:
- Belgian Stroke Council. Het merendeel van de aanbevelingen komt van de European Stroke Organisation (ESO)
- In Vlaanderen, Beroertezorg (VIKZ- Zorgkwaliteit)
- NICE
- National Clinical Guideline for stroke for the UK and Ireland (2023)
- BMJ Best Practice ischaemic stroke (2024)
- Canadian Stroke Best Practices (2022)
- American Heart Association (AHA) et American Stroke Association (ASA) (2019)
- World Stroke Organization (WSO)
- Stroke Action Plan for Europe (SAP-E)
2.2 Analyse van de beschikbare federale gegevens
2.2.1 Gegevensbronnen
- De facturatiegegevens voor Anonieme Hospitalisaties (SHA), algemene ziekenhuizen en Anonieme Daghospitalisaties (ADH) die door de verzekeringsinstellingen aan het RIZIV worden doorgegeven
- De Minimale ZiekenhuisGegevens (MZG) die wordt meegedeeld door de FOD Volksgezondheid
- NewAttest (meerdere datafeeds, inclusief medicijnen die in ziekenhuizen worden verstrekt)
2.2.2 Inclusieriteria voor de geselecteerde verblijven
- Verblijven met gekoppelde gegevens
- Verblijven met ontslag uit het ziekenhuis in 2021 en 2022
- Volwassen patiënten ( ≥ 15 jaar)
- Hoofddiagnose: I63 “Cerebral infarction” (Includes: occlusion and stenosis of cerebral and precerebral arteries, resulting in cerebral infarction)
- Verblijven opgenomen in de volgende APR-DRG’s, volgens versie 38.0 van de groep:
- 045: CVA en precerebrale occlusie met infarct
- 030: Percutane intra- & extracraniële vaatprocedures
2.2.3 Exclusiecriteria voor de geselecteerde verblijven
- Hoofddiagnose Hemorragische beroerte (diagnostische codes I60, I61 en I62) of voorbijgaande ischemische aanval (diagnostische codes G45.8 en G45.9)
- Pediatrische patiënten
- Ischemische beroerte geregistreerd als nevendiagnose tijdens een verblijf met medische of chirurgische pathologie
- Verblijf in een ziekenhuis dat geen erkenning heeft voor een functie “gespecialiseerde spoedgevallen” voor de bestudeerde jaren (op basis van de gegevens 2021-2022 die beschikbaar zijn via de FOD).
- Om ziekenhuizen voor hetzelfde zorgpad met elkaar te kunnen vergelijken, zijn verblijven in de volgende APR-DRG’s uitgesloten:
- 044: Intracraniële hemorragie
- 046: Niet gespecifieerde CVA en precerebrale occlusie zonder infarct
- 047: Transitoire cerebrale ischemie (TIA)
2.2.4 Nomenclatuurcodes selecteren
De nomenclatuurcodes die voor de analyses worden gebruikt, worden in elk hoofdstuk beschreven.
2.2.5 ICD-10-BE-codes selecteren
We hebben verwezen naar de coderingsregels die van toepassing zijn op de registratiejaren vermeld in de ICD-10-BE coderingshandleiding versie 2019 en 2021, die respectievelijk van toepassing zijn op de registratiejaren 2021 en 2022 voor de Medische Gegevens van de Minimale ZiekenhuisGegevens (MZG).
2.2.5.1 Selectie van verblijven
Hoofddiagnose I63 “Cerebral infarction” (Includes: occlusion and stenosis of cerebral and precerebral arteries, resulting in cerebral infarction)
2.2.5.2 NIHSS
R29.7 “National Institutes of Health Stroke Scale (NIHSS) score” - Code eerst het type herseninfarct (I63.-)
2.2.5.3 Analyse van complicaties
2.2.5.3.1 Inhalatiepneumonie:
Codes voor categorie J69 “Pneumonitis due to solids and liquids” (specifiek voor inhalatiepneumonie) Categoriecodes J12 tot J18: “Microorganism pneumonia” (niet-specifiek)
2.2.5.3.2 Slikstoornissen:
Codes van subcategorie R13.1 “Dysphagia”
2.2.5.3.3 Bloeding na toediening van een trombolyticum (Alteplase)
Het samen registreren van de volgende 2 codes:
- een bijwerkingscode na toediening van een trombolyticum (T45.615 - “Adverse effect of thrombolytic drugs”)
- een code voor hersenbloeding (uit categorie I60 “Nontraumatic subarachnoid hemorrhage” of I61 ” Nontraumatic intracerebral hemorrhage” of I62 “Other and unspecified nontraumatic intracranial hemorrhage”)
2.2.5.3.4 Bloeding na trombectomie
Aanwezigheid van de volgende 2 codes samen geregistreerd in hetzelfde verblijf:
- De code voor herseninfarct (codecategorie I63)
- Code G97.5 - “Postprocedural hemorrhage of a nervous system organ or structure following a procedure”
2.2.5.4 Ander
Er is geen ICD-10-BE-code voor de beoordelingsschalen “Rankin Scale Score” of “modified Rankin Scale Score”. Er zijn codes om urineweginfecties te registreren, maar het verband met een beroerte kan niet worden gespecificeerd in de codering. Als een beroerte optreedt tijdens een verblijf met opname voor een andere medische pathologie dan een beroerte of chirurgische pathologie, kan een code van categorie I63 niet worden geregistreerd als een HD van het verblijf (DAV), maar eerder als een nevendiagnose.
2.3 Online bevraging
Op 25 februari 2025 werden de algemene ziekenhuizen op de hoogte gebracht van de audit STROKE.
Op basis van de in- en exclusiecriteria voor verblijven voor de audit STROKE werden 96 Belgische ziekenhuizen geselecteerd voor de online bevraging.
Op 29 april 2025 ontvingen deze ziekenhuizen per e-mail de link naar de twee online vragenlijsten. De vragenlijsten zijn gemaakt in het Office 365 “FORMS”-formaat. Een begeleidend schrijven gericht aan de algemeen directeur en de hoofdgeneesheer vergezelde de e-mail. In samenspraak met de diensthoofden en de betrokken zorgverleners kon elk ziekenhuis slechts één definitieve antwoord per erkenningsnummer indienen, met een antwoordtermijn van maximaal vier weken. Het detailniveau van de antwoorden reikt tot het niveau van de erkenning. Informatie op campusniveau is niet beschikbaar.
De online bevraging is opgedeeld in twee delen:
- online vragenlijst Audit STROKE (gericht op het zorgpad van de patiënt van bij opname op de spoedgevallen tot de organisatie van zijn revalidatie, inclusief de follow-up)
- online vragenlijst Audit STROKE Trombectomie (alleen voor ziekenhuizen die deze techniek uitvoeren)
In tegenstelling tot de geanalyseerde verblijven (gegevens 2021-2022), zijn de verwachte antwoorden van de ziekenhuizen gegevens van 2024 of 2025, afhankelijk van de vragen.
De medewerking aan bevragingen door de overheid kunnen we beschouwen als een indicator van het kwaliteitsbeleid binnen de ziekenhuiswerking. Het respecteren van de opgelegde antwoordtermijn geeft namelijk een beeld van het belang dat een ziekenhuis hecht aan het in beeld brengen van de eigen werking en in welke mate het op deze manier een goede kwaliteit wil nastreven
- 75 % van de ziekenhuizen heeft de bevraging binnen het gevraagde tijdsbestek ingevuld (3 juni 2025)
- 25 % van de ziekenhuizen reageerde met een verlenging van de deadline (12 juni 2025)
2.4 Audit van verpleegkundige gegevens
We hebben een aantal relevante VG-MZG-items geselecteerd op basis van een literatuuronderzoek met betrekking tot verpleegkundige zorg tijdens een zorgpad voor een ischemische beroerte.
We verzamelden de elementen die we tijdens de online bevraging wilden onderzoeken.
Voor de VG-MZG-gegevens verwijzen we naar de coderingshandleiding versie 2.1 gepubliceerd door de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu.
De volgende tabel bevat de geanalyseerde VG-MZG-items.
Een nationaal rapport en een individueel rapport met de analyses van de geselecteerde items voor de periode 2021-2022 worden via de website van PortaHealth ter beschikking gesteld van ziekenhuizen.
| Code | Definities |
|---|---|
| B200 | Zorgen met betrekking tot de urinaire uitscheiding |
| C100 | De installatie en/of het verplaatsen van een patiënt binnen de afdeling of kamer |
| D100 | Zorgen bij de voeding per os |
| D300 | Zorgen met betrekking tot de toediening van enterale voeding via een sonde |
| F500 | Bijzondere mondzorg |
| G300 | Glycemiebeleid |
| I100 | Opvolging van de neurologische functie |
| K200 | Verbeteren van de ademhaling: ondersteunende middelen |
| N500 | Capillaire bloedafname |
| V100 | Bevorderen van de communicatie |
| R100 | Zorgen met betrekking tot een emotionele crisis |
| V300 | Opvolging van de biologische vitale parameters: discontinue monitoring |
| V400 | Opvolging van de biologische vitale parameters: continue monitoring |
| Z100 | Evaluatie functioneel, mentaal, psychosociaal |
| Z200 | Ondersteuning bij niet delegeerbare invasieve medische handelingen |
| Z300 | Multidisciplinair overleg (intra muros) |
| Z400 | Overleg met andere instellingen (extra muros) |
2.5 Publicatie
Een algemeen verslag met de algemene resultaten van de verschillende fasen van de audit wordt gepubliceerd via de gebruikelijke communicatiekanalen na validatie door twee federale administraties (RIZIV en FOD) die bevoegd zijn voor gezondheid. In dit rapport worden ziekenhuizen geanonimiseerd.
Elk ziekenhuis met ten minste één verblijf volgens de inclusiecriteria ontvangt via PortaHealth een geïndividualiseerde versie van het algemene rapport. Een dynamische weergave stelt elk ziekenhuis in staat om zich te situeren ten opzichte van de anderen.
Deskundigen van wetenschappelijke verenigingen werden geraadpleegd over een (voorlopige) versie van het algemeen rapport. Zij zijn geen co-auteurs van het rapport.