| nomen_code | nomen_short_desc_nl | nomen_short_desc_fr |
|---|---|---|
| 458673 | TOMO.SCHEDEL | TOMO DU CRANE |
| 458684 | TOMO.SCHEDEL | TOMO DU CRANE |
| 458732 | CAT.ROTS/SELLA | TOMO BASE CRANE AVEC |
| 458743 | CAT.ROTS/SELLA | TOMO BASE CRANE AVEC |
| 458813 | CAT.HALS/TH/ABD | TOMO COU THORAX ABDO |
| 458824 | CAT.HALS/TH/ABD | TOMO COU THORAX ABDO |
| 459351 | SPECT-CT:BEKKEN | SPECT-CT:BASSIN |
| 459362 | SPECT-CT:BEKKEN | SPECT-CT:BASSIN |
| 459395 | NMR HOOFD/@>3SQ | IRM TETE/@>3SQ |
| 459406 | NMR HOOFD/@>3SQ | IRM TETE/@>3SQ |
| 459535 | MR STUD.HERS(BOLD) | ETU.RM ENCEP(BOLD) |
| 459546 | MR STUD.HERS(BOLD) | ETU.RM ENCEP(BOLD) |
| 459631 | TOMO-HALS+THORAX+ABD | TOMO-COU+THORAX+ABDO |
| 459642 | TOMO-HALS+THORAX+ABD | TOMO-COU+THORAX+ABDO |
| 459675 | CT+CONTRAST.FAC.MASS | CT+CONTR.MASSIF.FACI |
| 459686 | CT+CONTRAST.FAC.MASS | CT+CONTR.MASSIF.FACI |
| 459690 | CT-CONTR.FAC.MASS | CT-CONTR.MAS.FAC |
| 459701 | CT-CONTR.FAC.MASS | CT-CONTR.MAS.FAC |
| 459852 | CBCT-CONTR.FAC.MASS | CBCT-CONTR.MAS.FAC |
| 459863 | CBCT-CONTR.FAC.MASS | CBCT-CONTR.MAS.FAC |
| 459874 | CT.HERSENEN+PET.D | CT.CERVEAU+PET.D |
| 459885 | CT.HERSENEN+PET.D | CT.CERVEAU+PET.D |
| 459955 | CONEBEAM.CT | CONEBEAM.CT |
| 459966 | CONEBEAM.CT | CONEBEAM.CT |
11 Gegevens en methodologie
In eerste instantie wordt een selectie gemaakt van zogenaamde stroke events. We spreken van een stroke event bij een patiënt als:
een cerebraal infarct (ICD-10-CM: ‘I63*’) als hoofddiagnose (prindiag) opgegeven is tijdens een verblijf (daghospitalisatie of klassiek verblijf) en
het verblijf is geklasseerd in de APR-DRG’s ‘030’ of ‘045’ en
de patiënt ouder is dan 15 jaar en
de patiënt uit het ziekenhuis ontslagen is in de jaren 2021-22.
Een stroke event kan meerdere verblijven omvatten. Indien het tijdsinterval tussen het ontslag uit het eerste en de opname van het volgende verblijf, beide met I63 als hoofddiagnose, niet langer is dan 7 dagen, worden beide verblijven verondersteld betrekking te hebben op hetzelfde stroke event. In dat geval zal de datum waarop I63 voor het eerst opgegeven wordt, in het eerste van de twee verblijven, als stroke event worden aangeduid.
Indien er minimaal 7 dagen tussen twee verblijven geteld worden, wordt het tweede verblijf gezien als een nieuw verblijf (en dus ook als een nieuw stroke event).
Voor elke combinatie van een uniek patiëntennummer en een ‘stroke event’ datum wordt nagegaan met welke ziekenhuizen de patiënt in contact is geweest op de dag van het stroke event, de dag voordien én de dag nadien. Deze ziekenhuizen worden geacht verantwoordelijk te zijn voor de diagnose en de hyperacute behandeling van de stroke1.
De dagen \(t_{-1}\), \(t_{0}\) en \(t_{+1}\) worden dus geanalyseerd tijdens de zoektocht naar het beleid in de hyperacute fase van een patiënt met een ischemische beroerte. Voor deze dagen zal worden nagegaan of
medische beeldvorming heeft plaatsgevonden (cerebraal of hoofd). Zie ‘Details imaging’ voor een lijst van de gebruikte nomenclatuurcodes. Strikt ambulante medische beeldvorming is ook in de analyse meegenomen.
trombolyse is toegediend. Hiervoor zijn de codes gebruikt zoals in ‘Details thrombolysis’ weergegeven. De gegevens voor ambulante geneesmiddelen (incl. ambulante zorg in de ziekenhuizen) kunnen niet rechtstreeks worden gelinkt met het unieke patiëntnummer. Daarom is aan de hand van een newAttest-query deze ambulante zorg via fuzzy match toegevoegd2.
trombectomie is uitgevoerd bij primaire patiënten, aan de hand van de codes zoals weergegeven in ‘Details thrombectomy’.
Details imaging
Details thrombolysis
| drug_code | nom_produit_pharma | code_atc |
|---|---|---|
| 0732016 | ACTILYSE | B01AD02 |
| 0734350 | ACTILYSE | B01AD02 |
| 0656835 | ACTILYSE | B01AD02 |
| 0685479 | ACTILYSE | B01AD02 |
Details thrombectomy
| nomen_code | nomen_short_desc_nl | nomen_short_desc_fr |
|---|---|---|
| 182151 | KATH.ENDOVASC.VERW | CATH.EXTR.ENDOVASC |
| 182162 | KATH.ENDOVASC.VERW | CATH.EXTR.ENDOVASC |
| Source | n | % | n | % | n | % |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Amb Only | 7636 | 28% | 846 | 16% | 0 | 0% |
| Amb & Hosp | 4791 | 18% | 77 | 1% | 0 | 0% |
| Hosp Only (I63) | 14218 | 53% | 2601 | 51% | 2259 | 99% |
| Hosp Only (non-I63) | 387 | 1% | 1616 | 31% | 28 | 1% |
| Total | 27032 | - | 5140 | - | 2287 | - |
Een analyse van louter klassieke verblijfsgegevens geeft een aanzienlijke onderschatting van de prestaties in het kader van een ischemische beroerte. Een groot deel van de prestaties beeldvorming en trombolyse vindt immers plaats in de ambulante setting.
amb only wil zeggen dat de prestaties imaging en/of trombolyse enkel gefactureerd zijn tijdens de ambulante fase op dag \(t_{-1}\) of \(t_{0}\) maar dat de patiënt nadien, op \(t_{0}\), terechtkomt in een klassiek verblijf waarbij de diagnose I63 gesteld wordt.
hosp only (non-I63) wil zeggen dat de prestaties imaging, trombolyse en/of trombectomie plaatsvinden in het ziekenhuis op bijvoorbeeld functies waar geen MZG geregistreerd wordt, zoals dagziekenhuis of spoed op \(t_{-1}\) of \(t_{0}\). Na dit “verblijf” volgt een (klassiek) verblijf waarbij de diagnose I63 gesteld wordt op \(t_{0}\) waarin we geen imaging, trombolyse of trombectomie terugvinden.
Tabel 11.4 rapporteert dat van de 5140 gevallen waar trombolyse is toegediend, 16% gedetecteerd werd door ambulante gegevens over geneesmiddelen te gebruiken. 31% van de trombolyses werd toegediend tijdens een verblijf (meestal de spoedopname) waar geen hoofddiagnose ‘I63’ is geregistreerd. In het geval van beeldvorming gaat het zelfs om 28% van de 27 032 stroke events waarbij beeldvorming enkel ambulant gedetecteerd werd.
In het kader van trombectomie zijn geen ambulante prestaties gevonden. Wel zijn trombectomieën teruggevonden buiten een klassiek verblijf met hoofddiagnose I63 (1%).
De meeste patiënten met een stroke event komen via de spoedgevallen aan in het ziekenhuis (al dan niet met de ziekenwagen). Volgens Tabel 11.5 komt ongeveer 5 % niet via de spoedgevallen in het ziekenhuis terecht. Meer dan 3 % is een geplande opname.
| Admission | n | % |
|---|---|---|
| Emergency service - ambulance (ER - AMB) | 17209 | 56.77% |
| Emergency service - no ambulance (ER - SELF) | 11539 | 38.07% |
| Other (usually planned stay) (OTHER) | 1114 | 3.68% |
| No Emergency service - Urgent admission (URG - No ER) | 449 | 1.48% |
Het kan niet worden uitgesloten dat zich hier een false positive probleem stelt. Indien een patiënt op de dag zelf of de dag voor het stroke event met een ziekenhuis in contact komt voor een andere pathologie (bijv. daghospitalisatie in het kader van nierdialyse of een consultatie in verband met opvolging cardio) zal dit ziekenhuis toch wordt geacht mee verantwoordelijk te zijn voor de behandeling van de stroke. Aangezien de data betreffende de terugbetaling van een prestatie enkel op het niveau van de dag is geregistreerd en er geen gegevens zijn over de precieze tijd waarop deze prestatie gerealiseerd werd, zijn dergelijke false positives niet uit te sluiten↩︎
De fuzzy match is gebeurd op basis van geslacht, leeftijd, nis-code en mutualeit van de patient enerzijds en van het identificatienummer van het ziekenhuis anderzijds.↩︎