Geneesmiddelen elektronisch voorschrijven: verplicht vanaf 1 januari 2020

Bent u arts, tandarts of vroedvrouw en u schrijft een geneesmiddel voor aan een niet-gehospitaliseerde patiënt? Dan bent u verplicht om elektronisch voor te schrijven sinds 1 januari 2020 (met uitzondering van enkele specifieke situaties).

Hier vindt u meer details over de betreffende voorschriften, de praktijk, de uitzonderingen, de manier waarop de apotheker of de patiënt toegang kan krijgen tot de voorschriften, enz

 

Tijdelijke maatregel ‘COVID-19’: mogelijkheid om de RID-code te bezorgen in plaats van het papieren bewijs

In het kader van de noodmaatregelen om de verspreiding van COVID-19 tegen te gaan en de mogelijkheid voor artsen om telefonisch advies daarover te geven, is het voor de voorschrijvers mogelijk om geen papieren bewijs van elektronisch voorschrift aan de patiënt te bezorgen. Met de toestemming van de patiënt mogen zij hem in de plaats daarvan de RID-code van het elektronisch voorschrift (en de bijbehorende letters en cijfers die automatisch met de barcode zijn gegenereerd) bezorgen via een andere communicatiemethode (e-mail, telefoon, Skype, enz.). Dat kan gedurende de periode waarin de noodmaatregelen van toepassing zijn. De overdracht van de unieke RID-code (en de automatisch gegenereerde en bijbehorende letters en cijfers) respecteert de bepalingen van de GDPR.

In de apotheek deelt de patiënt de RID-code (of de automatisch gegenereerde en bijbehorende letters en cijfers) mee aan de apotheker, die het geneesmiddel aan de patiënt zal afleveren en het elektronisch voorschrift zal archiveren.

Welke geneesmiddelenvoorschriften zal u elektronisch moeten opstellen ?

De verplichting om elektronisch voor te schrijven geldt voor:

  • voorschriften die ambulant opgesteld zijn door een arts, een tandarts of een vroedvrouw:
    • ofwel in de spreekkamer van de voorschrijver
    • ofwel tijdens een raadpleging in het ziekenhuis (ambulant)
    • ofwel op andere plaatsen zoals de wachtposten, het Instituut voor Tropische Geneeskunde, enz.
  • geneesmiddelen die op merknaam voorgeschreven zijn, op algemene internationale benaming of in de vorm van een magistrale bereiding, ongeacht of het geneesmiddel al dan niet vergoedbaar is.

In welke uitzonderlijke situaties mag u nog op papier voorschrijven ?

Als arts, tandarts of vroedvrouw mag u nog geneesmiddelen in de ambulante zorg op papier voorschrijven in volgende uitzonderlijke situaties:

  • Als u de leeftijd van 64 jaar bereikt hebt op 1 januari 2020.
  • Als u het voorschrift buiten uw spreekkamer opstelt, bv. op huisbezoek bij uw patiënt of in een rusthuis (en verzorgingstehuis), onafhankelijk van uw leeftijd.
  • In geval van overmacht. Een noodprotocol voor elektronisch voorschrijven van geneesmiddelen voor ambulante patiënten beschrijft de voorwaarden en situaties waarin men wegens overmacht terug kan vallen op het papieren voorschrift:
    • dringende medische hulp is ontegensprekelijk noodzakelijk
    • het betreft een buitenlandse voorschrijver zonder INSZ-nummer (of bisnummer)
    • het betreft een buitenlandse patiënt zonder INSZ-nummer (of bisnummer)
    • voor een pasgeborene in afwachting op een INSZ-nummer
    • enz.

Correct voorschrijven op papier:

Als het een voorschrift voor vergoedbare geneesmiddelen betreft, moet u:

  • het reglementair voorschriftmodel gebruiken
  • uw RIZIV-nummer in cijfers en in de vorm van een barcode vermelden

Let op!
De geldigheidsduur van geneesmiddelenvoorschriften veranderde op 1 november 2019.

De termijnen waarbinnen een ambulant voorgeschreven geneesmiddel mag worden afgeleverd en vergoed zijn vanaf nu op elkaar afgestemd en vereenvoudigd. Als gevolg hiervan is een nieuw voorschriftmodel verschenen, zowel voor het papieren voorschrift als voor het elektronisch voorschrift.

Meer info over de nieuwe geldigheidsduur van een geneesmiddelenvoorschrift sinds 1 november 2019, de overgangsperiode en het nieuwe model om te gebruiken

Hoe kunt u toegang krijgen tot het programma om elektronisch voor te schrijven?

Als arts, tandarts of vroedvrouw kunt u op 3 manieren toegang krijgen tot het elektronisch voorschrift:

  • Door gebruik te maken van uw software voor het Elektronisch Medisch Dossier (EMD):
    De erkende softwarepakketten bieden verschillende functionaliteiten (elektronisch voorschrift, “hoofdstuk IV”-aanvragen, de verzekerbaarheid van de patiënt raadplegen, SUMEHR, enz.).
    Uw confraters, uw beroepsvereniging of opleidingsverantwoordelijken kunnen u begeleiden bij het kiezen van een software die het best aan uw verwachtingen en behoeften voldoet.
    Lijst van de goedgekeurde medische softwarepakketten
  • Door gebruik te maken van de software van het Elektronisch PatiëntenDossier (EPD) van het ziekenhuis.
  • Door gebruik te maken van onze PARIS toepassing (Prescription & Autorisation Requesting Information System), waarmee elke voorschrijver kan elektronische voorschriften aanmaken ook zonder DMI-software. De PARIS-toepassing is beschikbaar en toegankelijk via tablet, smartphone en laptop.

Hoe kunt u zich authenticeren in het programma om elektronisch voor te schrijven?

Om elektronisch voor te schrijven, moet u zich authenticeren

  1. Authenticatie op basis van uw eHealth-certificaat:

eHealth-certificaten dienen voor de authenticatie van actoren uit de gezondheidszorg wanneer hun informaticasystemen (bv. een softwarepakket van huisartsen) een beroep doen op de diensten van het eHealth-platform (zoals eHealthBox, elektronische datering, versleutelen van het elektronisch voorschrift), opdat de inhoud enkel zichtbaar zou zijn voor de actoren die ervoor gemachtigd zijn.

Een eHealth-certificaat is niet meer nodig om de PARIS toepassing te gebruiken.
Maar als u zich op deze manier wil authenticeren, kan u uw eHealth-certificaat aanvragen via de toepassing eHealth Certificate Manager.

Hoe een eHealth-certificaat verkrijgen?

Vraag uw eHealth-certificaat aan via de toepassing eHealth Certificate Manager.
Deze toepassing laat ook toe om:

  • een certificaat te vernieuwen (een eHealth-certificaat is 3 jaar geldig)
  • een certificaat in te trekken
  • uw wachtwoord te wijzigen.

Raadpleeg de handleiding over het eHealth-certificaat.

Hoe een eHealth-certificaat verkrijgen als buitenlandse zorgverlener die in België werkt?

Om een eHealth-certificaat aan te vragen via de eHealth Certificate Manager is een identificatie op basis van uw eID (en pincode) of token (gebaseerd op het “Time-based One-Time Password” (TOTP) principe) nodig.
De FOD Binnenlandse zaken heeft, in samenwerking met het eHealth-platform, een project opgestart om buitenlandse zorgverleners die in België werken een specifiek identificatie- en authenticatiemiddel te kunnen aanbieden in de vorm van een technisch equivalente kaart aan de Belgische eID-kaart. Maar in afwachting van een structurele oplossing, die pas met de volgende generatie eID-kaarten beschikbaar zal zijn, werd in samenwerking met de FOD Beleid en Ondersteuning  (DG Digitale Transformatie) en de gemeenten een ‘hybride’ oplossing ontworpen, die de buitenlandse zorgverleners die in België werken toelaat om een certificaat via het eHealth-platform te verkrijgen. Deze ‘hybride’ oplossing is een tijdelijke overgangsmaatregel die voor een specifiek doelpubliek werd ontwikkeld, namelijk voor de zorgverleners die onder meer door nieuwe wetgeving bepaalde webservices van het eHealth-platform verplicht zullen moeten gebruiken.

Ga na in welke gevallen u als buitenlandse voorschrijver elektronisch kan voorschrijven

  1. Authenticatie op basis van uw eID (en pincode) of token (gebaseerd op het ‘Time-based One-Time Password’ (TOTP) principe).

Een token gebruiken is momenteel nog niet altijd mogelijk.

Nieuwe geldigheidsduur en nieuw model van de voorschriften sinds 1 november 2019

Sinds 1 november 2019 worden de termijnen om een ambulant voorgeschreven geneesmiddel af te leveren en terug te betalen op elkaar afgestemd en vereenvoudigd.

De geldigheidsduur bedraagt standaard 3 maanden vanaf de datum van het voorschrift. Vanzelfsprekend behoudt de voorschrijver zijn volledige vrijheid in voorschrijven. Als hij het noodzakelijk acht, vanwege de specifieke situatie van een patiënt, dan kan hij steeds een kortere of een langere geldigheidsduur dan de 3 ‘standaardmaanden’ bepalen (met een maximale geldigheid van 1 jaar).

Als gevolg hiervan verschenen een nieuw model van bewijs van elektronisch voorschrift  en een nieuw model van papieren voorschrift. De firma’s die verantwoordelijk zijn voor de softwarepakketten van voorschrijvers en apothekers, hebben hun producten aangepast (inclusief onze  gratis PARIS-toepassing).

Geldigheidsduur gedurende de periode van de aanpassing van de softwarepakketten

De softwarepakketten van voorschrijvers en apothekers (inclusief onze PARIS-toepassing) moesten worden aangepast zodat de voorschrijvers tijdens het aanmaken van een elektronisch voorschrift een kortere of een langere geldigheidsduur dan de 3 voorziene ‘standaardmaanden’ kunnen bepalen.

Van 1 november 2019 tot op het einde van de overgangsperiode waarbij softwarepakketten van de apothekers en de voorschrijvers werden aangepast (ten laatste op 01/10/2020), bedraagt de geldigheidsduur van elektronisch aangemaakte voorschriften, aangemaakt met de oude voorschrijfsoftware, verplicht 3 maanden.

De aangepaste software maakt het mogelijk om de geldigheidsduur aan te passen.

WAT ALS UW VOORSCHRIJFSOFTWARE NOG NIET WERD AANGEPAST?

Als een voorschrijver een elektronisch voorschrift opstelt met een softwarepakket dat niet in orde is met de uitrol van de v4-connector op 1 oktober 2020, dan is de geldigheid van het aangemaakte voorschrift met deze software, en zolang dit softwarepakket niet in orde is gebracht, verplicht 3 maanden.

Gebruikers van wie het softwarepakket op 31 oktober 2020 niet in orde is, zullen vanaf 1 november 2020 PARIS moeten gebruiken om hun elektronische voorschriften aan te maken. Bovendien moeten ze er rekening mee houden dat hun softwarepakket de status van goedgekeurde software voor de telematicapremie kan verliezen.

Hierbij de lijst van softwarebedrijven waarvan de softwarepakketten zijn aangepast en de aanpassingen in productie zijn.

Meer info over de nieuwe geldigheidsduur van een geneesmiddelenvoorschrift sinds 1 november 2019, de overgangsperiode en het nieuwe model om te gebruiken

Voorschrijven door gebruik te maken van de « Authentieke gevalideerde Bron Geneesmiddelen » (SAM)

Sinds 1 januari 2020 moet u verplicht gebruik maken van de Authentieke gevalideerde Bron Geneesmiddelen (SAM) om geneesmiddelen ambulant voor te schrijven, dit is de ‘open source’ beschikbaar gestelde referentiedatabank op het eHealth-platform.

Dat betekent dat uw softwarepakket (of onze gratis toepassing PARIS) waarmee u voorschrijft sinds 1 januari 2020 verplicht is om de SAMv2-databank op te roepen en van daaruit voor te schrijven. De leveranciers van de huisartsensoftware moeten voldoen aan bepaalde homologatiecriteria om toegelaten te worden op de markt.

In die criteria voor 2020 staat het correct gebruik van de SAMv2-databank ingeschreven, wat betekent  dat er testen zullen komen. Zo is een dagelijkse update van de gegevens uit de SAMv2-databank verplicht en is het niet toegelaten dat softwareleveranciers bepaalde filters of sorteringen voorzien in hun software om bepaalde geneesmiddelen voorrang te verlenen op het selectiemoment van een geneesmiddel.

We doen ‘Aanbevelingen voor een correct gebruik van SAMv2 bij opname van geneesmiddelendata in de voorschrijfsoftware van artsen’.

De inhoud van de SAMv2-databank is momenteel beperkt tot:

  • Publieke informatie over de vergunde geneesmiddelen, inclusief grondstoffen voor magistrale bereidingen.
  • Een minimale set van gegevens over de niet-geneesmiddelen die voorgeschreven kunnen worden.

Het ‘bewijs van elektronisch voorschrift’ of hoe krijgt de apotheker toegang tot een elektronisch voorschrift?

Het ‘(papieren) bewijs van elektronisch voorschrift’ is slechts het technische middel voor de apotheker om toegang te krijgen tot het elektronisch voorschrift, met behulp van een barcode (de Recip-e barcode of ‘RID’). Maar het heeft geen wettelijke waarde (het bewijs is niet ondertekend) en heeft een andere lay-out dan het papieren voorschrift.

  1. Als u een ambulant elektronisch voorschrift maakt, print u met uw software een bewijs van elektronisch voorschrift af.
  2. Als voorschrijver overhandigt u dat papieren bewijs aan uw patiënt.
  3. In de apotheek bezorgt de patiënt dit papieren bewijs aan de apotheker.
  4. De apotheker:
    • scant de barcode op het bewijs van elektronisch voorschrift en kan op die manier het elektronisch voorschrift ophalen
    • levert het geneesmiddel af aan de patiënt en archiveert het elektronisch voorschrift
    • kan het (papieren) bewijs van elektronisch voorschrift aan de patiënt teruggeven (met een aanduiding dat het uitgevoerd werd, om misverstanden te vermijden). De apotheker kan het (papieren) bewijs van elektronisch voorschrift bij technische problemen bijhouden om later de administratie in orde te brengen.

Bij het uitvoeren van het elektronisch voorschrift mag de apotheker enkel rekening houden met de inhoud van het elektronisch voorschrift. Hij mag dus geen rekening houden met manuele toevoegingen op het (papieren) bewijs van voorschrift.

Kan de patiënt zijn elektronische voorschriften raadplegen?

Ja! Sinds 16 november 2018 kan de patiënt zijn lopende (nog niet uitgevoerde) elektronische voorschriften raadplegen via het portaal Mijngezondheid.

De website van de FOD Volksgezondheid bevat meer informatie en een video over de mogelijkheden op het portaal MijnGezondheid.

Waar kunt u terecht met vragen en technische problemen?

Overgangsmaatregel:

Heeft u door aanhoudende onbeschikbaarheid van de eHealth basisdiensten geen toegang tot het elektronisch voorschrift op de server van Recip-e of stelt u een blokkerende fout vast? Dan mag u uitzonderlijk de geneesmiddelen afleveren op basis van de informatie vermeld op het bewijs van elektronisch voorschrift. Duid deze situatie dan in het tariferingscircuit aan als een geval van overmacht.

Monitoring van de gevallen van overmacht:

Sinds 1 januari 2017 is er een monitoring van de gesignaleerde gevallen van overmacht, in het kader van de kwaliteitscontrole van het elektronisch circuit:

    • In geval van een tijdelijk technisch probleem met één van de systemen: later opnieuw proberen met behulp van het bewijs van elektronisch voorschrift (in dat geval mag u het bewijs van elektronisch voorschrift dus bijhouden.
    • In geval van een aanhoudende technisch probleem met één van de systemen: situatie aanduiden als een geval van overmacht.

Een dematerialisatietraject

Het elektronisch voorschrijven vanaf 1 januari 2020 is 1 van de stappen binnen een langer traject met dat het dematerialiseren van het voorschrift beoogt.

Meer informatie

Contacten

 

Laatst aangepast op 02 oktober 2020